In 't sunneke: Daan Lieshout


Voor Daan hoeft het niet zo nodig, in de schijnwerpers staan. Hij vond het een beter idee om iemand anders te interviewen. Maar daar was Nieuwsflats het niet mee eens. JUIST mensen als Daan, de stille krachten van de club, verdienen het om af en toe in het sunneke gezet te worden!


We speken Daan bij hem thuis aan de keukentafel, terwijl er, hoe toepasselijk, een heerlijk voorjaarssunneke door de ramen schijnt.


Volgens mij ben jij al aardig lang betrokken bij de club, Daan!

Ja, als sinds mijn zevende. Toen ben ik een keer meegefietst naar een training met vriendjes. De zaterdag daarop speelde ik mijn eerste wedstrijd. Er was maar één jongensteam, met spelers tussen de 7 en 20 jaar. Later kwamen er meer jongens bij de club en ben ik met leeftijdsgenoten gaan spelen. Na de jeugd heb ik lang in het beruchte Heren 5 gespeeld. Het was een populair team. Je wilde in die tijd óf in Heren 1, óf in Heren 5. Wij brachten veel tijd zingend door in de kantine.


Andere tijden…

We speelden op gras met ballen van kurk die met kalk wit werden gemaakt. Als je de bal aan de andere kant van het veld kreeg dan kon je verrekkes goed slaan! We moesten zelf de lijnen aanbrengen op het veld. Die waren lang niet altijd recht als er al gedronken was, haha. Het zaalseizoen was ook een beetje behelpen, want we konden geen wedstijden spelen in Oirschot. De Julianahal op de Barcelona was namelijk één meter te kort.


Je speelt nog steeds, toch?

Jazeker. In Heren 45-1. Ik ben verdediger. Ik ben snel op korte stukjes. Ik speel het liefste tegen een spits. Op 3 cm afstand in zijn nek hijgen, dat is mijn kracht. Lachend: Dat vindt die spits niet leuk natuurlijk.


En daarnaast zet je je al heel lang in voor de club…

Daan, bescheiden: Dat klopt, maar het kost me geen moeite. En er zijn anderen die ook heel veel doen.


Wat heb je zoal gedaan?

Ik heb van mijn 20ste tot mijn 30ste in de jeugdtoernooicommissie gezeten. Dat was leuk, die toernooien. Voor de onder 18 jeugd organiseerden we het Blitse binken en giegel grieten toernooi. Voor de onder 16 jeugd was er het Groene bolletjes toernooi en voor de onder 14 hadden we het Survival toernooi. De eerste jaren sliepen de spelers bij gastgezinnen. Later in tentjes bij de club. Dat was toen allemaal wat makkelijker te organiseren dan nu. In de jaren ’90 was ik ook betrokken bij de organisatie van het Donkey festival. Dat was echt een internationaal toernooi en een groot evenement voor Oirschot. Ik was secretaris en penningmeester en regelde ook de stroom en de muziek.


Ging de organisatie van het Donkey festival ook makkelijke dan nu?

Ja! We moesten elk jaar een vergunning aanvragen bij de Gemeente. De tent moest eigenlijk 10 meter van het clubhuis af staan. In werkelijkheid was die afstand maar 3 meter. Toch kregen we elk jaar weer die vergunning, zonder verdere vragen. Er mocht veel meer. We hebben het festival een keer geopend met een enorme vuurpijl van 10 cm doorsnee en 50 cm lang. Hij had wel 250 gulden gekost en we moesten hem op een bezemsteel zetten om af te steken. Dat stond in de instructies. Dat deden we vanaf het dak van het clubhuis, richting de snelweg. Hij ging prima de lucht in, met bezemsteel en al. Maar toen bedachten we ons pas dat die bezemsteel ook weer ergens naar beneden ging komen…. Geloof het of niet, maar hij landde op anderhalve meter van ons vandaan op het dak van het clubhuis.


Het wonder van Oirschot! En waarom heette het eigenlijk Donkey festival?

Geen idee, het bestond al sinds de jaren ’50. Er was een echte ezel bij. Altijd dezelfde. Die moest dan opgehaald worden. Dat heb ik ook een keer gedaan, alleen weet ik bij god niet meer hoe…


Je hebt ook in het bestuur gezeten begreep ik.

Klopt. Ik was secretaris. Automatisering was toen in opkomst en ik was de enige in Oirschot die er iets van snapte! Toen ik in het bestuur kwam werden er nog handgeschreven notulen gemaakt. Dat heb ik dus als eerste gedigitaliseerd. Toen hadden we uitgeprinte notulen met zelfs een plaatje erbij, goeiedag! Als mensen iets wilden uitprinten en hun computer was gecrasht of ze wisten gewoon niet hoe ze het moesten doen, kwamen ze bij mij langs. En ik bewaarde al die bestanden. Dus ik werd het archief van de club.


Ben jij nog steeds degene die alle stukken van de club bewaard?

Nee, ik heb op een gegeven moment alles uitgezocht. Op zolder bij Jan Mercx heb ik toen een paar honderd ordners opgehaald en daar ben ik ook doorheen gegaan. Wat interessant was heb naar de Heemkundekring gebracht.


Wat een werk moet dat geweest zijn! En nu doe je de ledenadministratie.

Dat doe ik sinds 2010. Het is een paar uur per week werk en het kost me geen moeite. Ik handel het vaak af terwijl ik TV kijk. Als iedereen iets zou doen voor de club dat weinig moeite kost, dan zouden we al een heel eind zijn.


En wat zijn je plannen voor de toekomst?

Ik voel me op mijn 61ste nog kei fit. Dat is niet vanzelfsprekend. Veel vrienden zijn al gestopt met hockey, maar ik ben nog niet de oudste in het team. Het is gezellig. Je speelt al jaren tegen dezelfde teams en die ken je goed. Het thuisteam betaalt de drank en de bitterballen. Lachend: Ik ga door tot ze me het elftal uitschoppen!